Wat gebeurt hier op dit grasland?
Op dit land wordt speciaal rekening gehouden met weidevogels. De boer past het beheer aan, zodat vogels hier kunnen broeden, voedsel vinden en hun kuikens veilig kunnen grootbrengen.
Het grasland wordt zo beheerd dat er voldoende rust, voedsel en beschutting is. Denk aan kruidenrijk grasland, grasland dat later wordt gemaaid en natte plekken, ook wel plasdrassen genoemd. Boeren maken samen met BoerenNatuur Brabant een plan om tot een goede variatie in verschillende beheervormen te komen om daarmee een ideale leefomgeving voor weidevogels te creëren. Vrijwillige weidevogelbeschermers zijn tijdens het broedseizoen heel actief in het veld. Ze houden een oogje in het zeil en beschermen veel nesten die anders verloren zouden gaan.
Wat betekent dat in de praktijk?
- Door een collectieve aanpak met een groep boeren ontstaat de gewenste variatie in beheer.
- Het maaien wordt uitgesteld, zodat nesten niet verstoord worden.
- Het land wordt op sommige plekken in het voorjaar onder water gezet wat zorgt voor heel veel voedsel voor steltlopers zoals kievit, grutto, kluut en tureluur.
- Vrijwilligers zijn een belangrijke schakel in het contact met de boeren. Hun bevindingen uit het veld koppelen ze terug naar de boeren zodat de boer bij werkzaamheden er rekening mee kan houden.
- Er is aandacht voor rust tijdens het broedseizoen.
Waarom is dit belangrijk?
Weidevogels vinden steeds minder geschikte plekken om te leven. Door aangepast beheer krijgen ze hier weer een kans.
- insecten vormen voedsel voor de kuikens;
- natte grond maakt het makkelijker om voedsel te vinden;
- rust en ruimte zorgen voor succesvolle broedsels.
Kort gezegd: Hier werken BoerenNatuur Brabant, boeren en vrijwillige weidevogelbeschermers samen om een gebied zo goed mogelijk in te richten en te beheren zodat weidevogels zich thuis voelen en jongen groot kunnen brengen.



